Eddie Lives

Nazicht

4 september 2008 · 5 Reacties

Het voelde raar aan voor Eddie de Ridder op het Zwarte Paard. Het gebeurde maar eens per jaar dat hij zonder harnas rond liep. Maar ja, zelfs paarden hebben hun jaarlijks onderhoud nodig en de smid was daar nu volop mee bezig. Daarom was hij nu een wandelingetje aan het maken met Unlucky Frank.

“Ik voel me maar naakt, Franky. Eigenlijk heb ik medelijden met al die mensen die geen ridder zijn.”
“Dat begrijp ik best, edele heer,” antwoordde Frank, “ik voel me er ook niet goed bij om te wandelen. Wat zouden we in godsnaam doen zonder paarden?”
“Dat weet ik niet. Maar we moeten toch eens een hartig woordje praten hoor. Want op onze laatste reis hebben we toch wel veel slachtoffers gemaakt, vind je niet?”
“Maar edele heer toch, we hebben ons alleen maar verdedigd. Behalve misschien Lonesome Johnny, maar daar kon ik echt niks aan doen hé baas. Dat zwaard vloog gewoon uit mijn hand. De luchtkwaliteit is sindsdien trouwens veel beter geworden.”
“Ja, ik weet het. Maar toch moeten we voorzichtig zijn. We gaan geen nieuwe slachtoffers maken. Stel je voor dat ze hier binnenkort de politie gaan uitvinden en dat die dan de lijken gaan vinden. Dan zijn we nog niet aan de nieuw patatten hé vriend.”
“Jamaar baas,” zuchtte Unlucky Frank, “de nieuw patatten zijn nog maar pas geweest, die komen volgend jaar terug. Maar wat hebben patatten met die lijken te maken? Of groeien er patatten op en gaan ze die lijken dan zo vinden?”
“Zwijg maar Frank,” suste Eddie de Ridder op het Zwarte Paard zijn vriend, “ik zal daar wel over nadenken en ons een goed alibi bezorgen.”
“Cool baas… maar wat is een alibi?”
“Weet je Frank, je bent mijn beste vriend en trouwe kompaan. Maar soms kun je echt wel vermoeiend zijn. Kom, we zullen eens gaan kijken hoe het met de paarden is.”

Een half uurtje later stapten ze de werkplaats van de lokale smid binnen. De paarden stonden al klaar voor vertrek en Eddie de Ridder op het Zwarte Paard en zijn vriend Unlucky Frank gingen even de rekening betalen.
“Dag meneer de Smid,” begon Eddie de Ridder op het Zwarte Paard, “vertel ons eens hoeveel we je moeten betalen.”
“Gegroet edele heer,” antwoordde de smid, “de rekening ligt klaar. Maar ik moet u waarschuwen dat het wat meer zal zijn. Er was veel werk aan uw paard en ik ben een officiële dealer van raspaarden. Maar er is kwaliteit geleverd, daar kan je ook zeker van zijn.”
De smid overhandigde onze vriend de rekening. Unlucky Frank zag zijn baas rood worden en toen hij diens neusvleugels zag bewegen, wist hij hoe laat het was. Hij ging stilletjes enkele stappen terug en draaide zich om. Met één vloeiende beweging had Eddie de Ridder op het Zwarte Paard immers zijn zwaard getrokken en de smid onthoofd.
“Dat zal je leren,” brieste Eddie de Ridder op het Zwarte Paard, “zo’n hoge rekeningen zal je nooit meer maken!”
Tevreden over het goede werk dat hij net had verricht, draaide hij zich om en trok zijn harnas aan.
“Hé baas,” zegde Unlucky Frank opgewekt, “die paarden zien er weer als nieuw uit. Brengen we ze hier volgende keer weer binnen voor hun nazicht?”
“Nee vriend. Ik denk dat we volgend jaar beter een andere smid zoeken…”

Categorieën: Verhaaltjes
getagged: , ,

5 reacties so far ↓

Laat een reactie achter